Rotterdam Centraal Station*

Stationsplein, Rotterdam, Nederland

Eind jaren negentig besloot het Rijk zes belangrijke treinstations te transformeren tot hoogwaardige, internationale openbaar-vervoer terminals, verbonden met het Europese hogesnelheidsnet. Het idee was om tegelijkertijd het openbaar vervoer binnen en tussen de steden verbeteren én een bijdrage te leveren aan de stedelijke kwaliteit van stationsgebieden. Van de zes projecten werd Rotterdam Centraal Station als eerste opgeleverd.

TRANSPORT HUB – Het oude treinstation, ontworpen door Sybold van Ravesteyn (en gebouwd in 1957), heeft plaats gemaakt voor een nieuw en groter station dat ruimte biedt aan het groeiende aantal reizigers, waarbij de verschillende soorten verkeer – voetgangers, fietsers, trams, bussen, taxi’s – rond het station zijn gereorganiseerd. Het drukke gemotoriseerde verkeer op de Weena is omgeleid via een korte tunnel, terwijl bussen en trams naar het oosten en westen van de aankomsthal zijn verplaatst. Deze ingrepen creëerden ruimte voor een groot stationsplein aan de kant van de binnenstad. De rode natuurstenen bestrating van het plein loopt door in het station en de ondergrondse passage, wat resulteert in een naadloze overgang tussen stad en station.

SPOORWEGKATHEDRAAL – Het plein voor het station was aanvankelijk geen onderdeel van de opgave. Oorspronkelijk zou de stationshal een veel groter deel van het plein in beslag nemen en was geen volledige spooroverkapping voorzien. Geïnspireerd door de ‘spoorwegkathedralen’ in Madrid en New York stelde het ontwerpteam voor de ontvangsthal deels onder de sporen te situeren en de overkapping over de sporen door te trekken, zodat reizigers op de perrons comfortabel en droog op hun trein kunnen wachten. Grote glasvlakken in de perrons zorgen ervoor dat daglicht ook de reizigerstunnel onder de sporen bereikt. De onderdoorgang is verbreed om ruimte te maken voor winkels en restaurants en vormt ruimtelijk één geheel met de stationshal.

TWEE VOORKANTEN – Het station, voorheen een barrière in de stad, vormt nu een belangrijke verbindende schakel in het stedelijk weefsel. Aan de noordzijde is het station bescheiden, aansluitend op het karakter van de negentiende-eeuwse Provenierswijk. Aan de centrumzijde maakt het station een groots gebaar. De royale afmetingen van de hal, en de warme afwerking met hout en rood natuursteen geven het station een allure en verblijfskwaliteit die past bij een aankomststation van internationale hogesnelheidstreinen. De punt van het iconische dak, geheel bekleed met roestvrijstaal, wijst naar het hart van Rotterdam.

* Opgeleverd bij Team CS, een samenwerkingsverband tussen MVSA Meyer en Van Schooten Architecten, Benthem Crouwel en West 8.