Do Janne’s Weekly Post | Smart Cities & Privacy

1 juli, 2019

Als Architect in Residence bij Architectuurcentrum Amsterdam deelde Do Janne Vermeulen van april t/m juni wekelijks interessante artikelen, websites, onderzoeken en video’s rond het onderwerp Smart Cities. Ook ging zij per e-mail in gesprek met een aantal experts vanuit verschillende vakgebieden op het gebied van ‘smart technology’. Als afsluiter schreef zij een artikel over Smart Cities & Privacy.

In de afgelopen drie maanden heb ik mijn best gedaan om de dialoog en thematiek van Smart Cities richting de ontwerp-kant te sturen. Ik wilde weten wat wij als architecten, als ontwerpers, kunnen bijdragen aan slimme steden. In de gesprekken die ik voerde stak één thema steeds weer de kop op: privacy.

De ontwerpkant van Smart Cities

Privacy is een interessant en urgent thema, maar niet per sé een onderwerp waar architecten veel mee kunnen. Aanvankelijk was mijn intentie het Smart Cities Debat de ontwerpkant op te sturen met de introductie: “Stel dat privacy gewaarborgd zou zijn en stel dat het verdienmodel achter die data-infrastructuur opgelost zou zijn, wat zouden we als ontwerpers dan als uitdagingen en als kansen zien?” De realiteit is helaas dat privacy onvoldoende gewaarborgd is en dat het verdienmodel niet is opgelost. Ondertussen gaan de technologische ontwikkelingen in rap tempo door. Hoewel ik erop vertrouw dat er een oplossing zal komen – de Europese privacywetgeving is al een stap in de goede richting – zal dat niet op heel korte termijn zijn. Dit werd op 21 mei maar al te duidelijk tijdens het debat en de lezingen van Emil Zelic, Marleen Stikker en Ger Baron.

Het uitverkochte Smart Cities Debat was dan ook alles behalve een doorsnee architectuurlezing. Het ging niet alleen over al het moois dat we kunnen maken met smart technology, maar ook over de maatschappelijke impact van data. Het zette de toehoorders aan het denken. Niet over esthetiek, maar over onze integriteit als ontwerpers. Veel architecten staan vooraan als het nieuwe technieken betreft, en daar is niks mis mee. Ik geloof echt dat we vanuit de beste intenties slimme techniek toepassen in onze ontwerpen: een comfortabeler gebouw, een lager energiegebruik, een efficiëntere logistiek, … wie kan daarop tegen zijn? Maar zijn wij ons voldoende bewust van de keerzijde?  

Sidewalk Labs in Toronto vormde voor Do Janne de aanleiding om het onderwerp Smart Cities tijdens haar Architect-in-Residence-schap aan te kaarten
Betalen met data

De afgelopen maanden kwamen Sidewalk Labs Toronto en Brainport Smart District in Helmond meermaals ter sprake als voorbeelden van Smart Cities. Marleen Stikker gebruikte Helmond echter vooral om te laten zien hoe het niet moet. In ruil voor het delen van hun data, kunnen bewoners korting verdienen op hun huurprijs. Waarom is dat erg, denk je misschien? We geven immers ook zonder nadenken onze vingerafdruk aan Apple en onze locatie aan Google. Volgens Marleen zou het idee van data als betaalmiddel überhaupt niet moeten bestaan. Zeker in het geval van persoonlijke data over onze gezondheid en leefwijze. Het zou volgens haar zelfs verboden moeten worden dit soort data te verkopen, net zoals het verboden is een orgaan te verkopen. De overheid zou ons met wetgeving moeten behoeden voor een situatie waarin mensen met weinig geld zich genoodzaakt zien hun persoonlijke gegevens te verkopen om in aanmerking te komen voor een woning.

Kennis is macht

We moeten ons realiseren dat de spanning tussen privacy en individuele vrijheid enerzijds en de controlerende macht van overheden en organisaties anderzijds een probleem is van alle tijden, legde Antonio Gomez aan mij uit. Kennis is macht en data-analyse genereert kennis. Het is belangrijk om in te zien dat slimme technologie het probleem niet veroorzaakt, maar het slechts zichtbaar en urgent maakt. Antonio gelooft dan ook niet dat er een technische oplossing komt: het privacy-vraagstuk moet worden aangepakt op een fundamenteel niveau; rekening houdend met de technologische kant, maar ook met de juridische, culturele, sociale, economische, politieke en milieuaspecten. Kortom, een breed-maatschappelijk vraagstuk, waarop niet zo één-twee-drie een antwoord is.

Antonio Gomez-Palacio legt uit dat de spanning tussen vrijheid en macht niet door technologie wordt veroorzaakt, maar slechts zichtbaarder wordt.
Data-monopolie

Ik geloof niet dat het de taak is van architecten om een oplossing te vinden. Wel moeten wij ons bewust zijn van het dilemma. Bijvoorbeeld van het feit dat data wordt beschouwd als het nieuwe goud. Als een betaalmiddel of, in combinatie met algoritmes, als een selectietool. Denk aan al die ‘gratis’ sociale apps die we gebruiken. Apps die onze persoonlijke gegevens verzamelen en doorverkopen aan onder meer adverteerders. Stedenbouwkundige Jasper Nijveldt vertelde mij dat de data die verzameld wordt door sommige apps tot voor kort voor iedereen online beschikbaar was. Tenminste, voor wie een beetje handig is, zoals hij. Op zich al een raar idee, maar nog vreemder is dat deze data steeds minder beschikbaar is. Ik weet niet of dit is ingegeven door de nieuwe privacy-wet of door de bedrijven zelf, maar feit is dat de data in handen van grote bedrijven al snel van handige informatiebron verandert in kostbare handelswaar. Giovanni de Niederhausern, CEO van Carlo Ratti Associati, een Italiaans architectenbureau dat zich dagelijks bezighoudt met smart technology, haalde in ons gesprek eveneens dit onderwerp aan, en waarschuwde voor het risico van data-asymmetrie, waarbij slechts een handjevol bedrijven en instituten een data-monopolie hebben. Zij weten veel over ons en wij maar weinig over hen.

Veel sociale apps verzamelen data van hun gebruikers. Gegevens zijn soms online beschikbaar, zoals deze heatmap van Strava-app-gebruikers.
Open source architecture

Je zou er haast moedeloos van worden. Is het überhaupt mogelijk om slimme technologie op integere wijze in te zetten in stedenbouw of architectuur? Misschien, zegt Marleen Stikker, wanneer wij het kapitalistisch model loslaten en overschakelen naar het commons-model, waarbij data maatschappelijk bezit is. Ook Giovanni is voorstander van een model van shared resources. Hij pleit voor wat hij noemt ‘open-source architecture’: architectuur die tot stand komt in bottom-up processen, gekoppeld aan digitale netwerken. Zo kunnen meerdere partijen bij het ontwerpproces worden betrokken. Digitale technologieën kunnen hier een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld door feedbackkanalen te creëren. “Maar”, benadrukt Giovanni, “de prioriteit blijft dat ontwikkelingen worden gestuurd vanuit het menselijke belang.”

‘Be aware, be educated’

Met dat laatste slaat Giovanni wat mij betreft de spijker op zijn kop. De mens moet centraal blijven staan. Wij moeten ons – als architecten – goed blijven realiseren voor wie we het doen: de gebruiker. Levert de verzameling van al deze data informatie op waarmee huis en stad anders en beter worden vormgegeven, of zijn deze data vooral een verdienmodel? Met andere woorden: welk voordeel levert het op, en voor wie? En hoe worden we er allemaal beter van? Het brengt mij terug bij de vraag waar ik mijn periode als Architect in Residence mee begon: “Technology is the answer, but what was the question?

Positieve noot

Na deze zware kost wil ik graag eindigen met een positieve noot. Zelfs na alle kritiek en bezwaren blijf ik positief gestemd. Het kan niet anders dat de belemmeringen rond privacy uiteindelijk worden ondervangen door wet- en regelgeving. Ik geloof dat slimme techniek de leefomgeving in onze steden beter, leuker en spannender kan maken. Wel moeten we blijven ontwerpen vanuit menselijke ervaringen, interactie en functie, en de digitale technologie koppelen aan beleving van de fysieke omgeving. Ook biedt de hoeveelheid aanwezige data ons de geweldige kans om meer te leren en te begrijpen over onze steden dan tot nu toe mogelijk was. We kunnen beter dan ooit meten wat werkt en wat niet en daar onze ontwerpstrategie op aanpassen. En denk aan alle voordelen op het gebied van duurzame mobiliteit.

Voorbeeld van slimme en duurzame mobiliteit middels Mobility as a Service (MaaS)

Zolang wij ons bewust zijn van de kwestie en een kritische houding aannemen is alles mogelijk. Met kennis van zaken kunnen wij de juiste vragen stellen en bewuste keuzes maken over de toepassing van slimme technologie. Ontwerpers van gebouwen en steden krijgen er in die zin een verantwoordelijkheid bij. In de afgelopen jaren is in ons vakgebied sterk ingezet op duurzaamheid. Met resultaat. Geen architect die niks met duurzaamheid doet. Hetzelfde moet nu gebeuren met digitalisering, te beginnen bij de ontwerpopleidingen. We hebben te maken met technologie en we moeten ermee dealen, zoals Emil Zelic tijdens het debat zei:
“Be aware, be educated.”

Lees alle ‘Weekly Posts’ van Do Janne over Smart Cities op de site van Architectuurcentrum Amsterdam.

Gerelateerde berichten